Gepubliceerd op:26 mei 2026
De sectorindeling die de Belastingdienst hanteert, heeft invloed op de loonkosten van werkgevers. Wij hebben in opdracht van NBBU onderzocht hoe de werkgeverslasten (loonkosten) van bedrijven in de uitzendsector zich verhouden tot de werkgeverslasten in alle andere sectoren, zowel voor de totale werkgeverslasten als voor de verschillende onderdelen. Daarnaast hebben we onderzocht hoe de instroom en duur in de Ziektewet (ZW) in de uitzendsector zich verhouden tot de instroom en duur in de Ziektewet in de overige sectoren. En wat dit impliceert voor de ‘last’ die de uitzendbranche en de overige sectoren leggen op de ziektewet. Dit hebben we onderzocht met behulp van CBS-microdata.
In 2024 lagen de extra loonkosten boven op het basisuurloon in de uitzendsector gemiddeld +6,4 procentpunten hoger dan in de overige sectoren. Vooral het verschil in werknemersverzekeringen arbeidsongeschiktheid is relatief gezien groot: premies in de uitzendsector vormen een bijna vier keer zo groot aandeel van het basisuurloon dan in de overige sectoren.
De kans om vanuit de uitzendsector de ziektewet in te stromen, lag in de periode 2022-2024 hoger dan vanuit de overige sectoren.
Daar staat tegenover dat de gemiddelde duur per persoon in de ziektewet in de uitzendsector juist lager lag dan in de overige sectoren. De resulterende ZW-kosten per gewerkt uur – een maatstaf waarin we het totale bedrag aan uitbetaalde ziektewetuitkering delen door het totaal aantal gewerkte uren in een sector – waren in de uitzendsector hoger dan in de overige sectoren. Door een wijziging in de doorbetaling van uitzendkrachten bij ziekte halverwege 2023 laat het verschil in ZW-kosten per gewerkt uur tussen de uitzendsector en de overige sectoren een dalende lijn zien.
Auteurs
In samenwerking met:
Opdrachtgever: NBBU




